Colofon:
tekst:
Sola Virtute, Arnhem
www.solavirtute.nl
grafische vormgeving:
Coen Pausma, Arnhem
website ontwikkeling:
Reseller Services, Arnhem
www.rs.nu
fotografie kunstwerk:
Herman van Ommen, Arnhem
concept en uitvoering
kunstwerk Boven Tafel:
Huijbers en Agelink, Arnhem
OMTRENT DE KEUKEN
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
|||
|
Maakten ze dàt? Wonderlijke recepten uit de vijftiger jaren Voor ons, mensen van de 21e eeuw, is het een vanzelfsprekende zaak om naar de supermarkt te gaan en daar te halen wat je nodig hebt – of waar je zin in hebt. Dat was vijftig jaar geleden heel anders. In 1952 opende de winkelketen Albert Heijn de eerste zelfbedieningszaak in Nederland. Voor het eerst konden klanten zelf met een mandje langs te schappen. Wat stond er in die schappen? In ieder geval heel wat minder dan nu. Vergeleken met het leven dat wij nu leiden, hadden de mensen toen minder geld en meer tijd. Ze waren vaker thuis dan wij nu zijn. En in dat huis vervulde moeder de vrouw een centrale rol. De vrouw des huizes zorgde dat het huishouden piekfijn in orde was. Het verzorgen van de maaltijden hoorde bij haar takenpakket. Dus stond ze vaak in de keuken, om van alles klaar te maken – daar nam ze alle tijd voor. Veel van de etenswaren die zij produceerde, halen we nu zo uit de supermarkt. De onderstaande recepten komen uit de ‘Ik kan koken’ van 1953, het kookboek voor leerlingen van de huishoudschool. Geweckte prinsessenbonen Men neemt voor het wecken de jonge, fijne boontjes, bij voorkeur de draadloze soorten; dikkere kunnen in het zout ingelegd of gedroogd worden. Na het wassen de gebroken boontjes, indien ze niet zonder draden zijn, hiervan zorgvuldig ontdoen, 5 minuten voorkoken, afgieten, laten uitlekken, in de flessen doen en stevig aandrukken. Wil men ze mooi in de flessen schikken, dan moeten de boontjes alle op gelijke lengte afgesneden worden, wat eigenlijk een beetje jammer is; na het vullen water, waarin een weinig zout opgelost is, toevoegen. De groente 1 ½ uur steriliseren. Frambozensap De vruchten goed wassen en even laten uitlekken, de kelkjes er uit zoeken, de vruchten een weinig kneuzen, in een geëmailleerde pan zonder een enkel afgesprongen plekje zachtjes aan de kook brengen of in de sapstomer sap van bereiden. Heeft men een kleine hoeveelheid, dan de vruchten door een doek coleren; een grotere hoeveelheid in een grof linnen zak ophangen en het sap er uit laten lekken, dit met 15 gram citroenzuur per liter aan de kook brengen, de goed gezuiverde flessen tot aan de rand er mee vullen, deze voorlopig sluiten, door de kurk er los op te zetten. Is het sap zo ver afgekoeld, dat het zich halverwege de hals heeft teruggetrokken, dan de kurk zo diep mogelijk er in slaan, boven de rand van de fles glad afsnijden. Is het sap geheel koud, dan de kurk bedekken met flessenlak of paraffine. De flessen liefst liggend bewaren. Hetgeen nog in de zak is achtergebleven, kan men het best tot jam, die dan natuurlijk niet tot de fijnste kwaliteit behoort, inkoken; er moet voor de frisse smaak wat citroensap bij gedaan worden. Hoofdkaas 1 varkenskop (3 à 4 kg.); 1 kg. varkens-, rund- of kalfsvlees; 50 à 60 gr. zout; 1 eetlepel nagelgruis (kruidnagelpoeder); 2 eetlepels witte peper; 2 stuks nootmuskaat; 15 à 20 ingemaakte augurken; azijn. De door de slager gebroeide kop en het vlees gaar maken; hiervoor de kop 3 uur en het vlees 1,5 uur laten koken. De kop is gaar, wanneer de beentjes gemakkelijk los laten. Het vlees bij gedeelten op een zeef of vergiet leggen, alle beentjes zorgvuldig er uit zoeken; het vlees fijnhakken, vermengen met het zout, de kruiderijen, de fijngehakte of gesneden augurken en zoveel van het kooknat, dat men een brijachtige massa verkrijgt. Hiermede met water omgespoelde vormen (hoofdkaasvormen of giften) voor ruim 3/4e vullen en de inhoud laten bekoelen; daarna de bovenlaag bedekken met een wit papier en hierop een laagje azijn gieten, dat telkens aangevuld moet worden. Na 2 à 3 weken is de hoofdkaas goed voor gebruik. Neuzen op internet
| ![]() |






